Weer fietsen

Het begon allemaal in De Hoogstraat. Petra, mijn fysiotherapeut, stelde voor om een stukje te fietsen op een ligfiets. Een driewieler. Ik onderdrukte mijn neiging om nee te zeggen. Of om te zeggen "dat lukt toch niet". Even later reed ik tot mijn verbazing door de lange gang naar de sporthal. Het lukte.
Bij elkaar heb ik drie keer met haar een stukje gefietst. Toen wist ik het. Ik wilde weer gaan fietsen. Op een ligfiets. Zo snel mogelijk.

Toen ik 18 april thuis kwam speurde ik het internet af.
Alsof het zo moest zijn vond ik op Marktplaats eenzelfde type ligfiets te koop. Voor 1.250 euro, met elektrische ondersteuning. De verkoper woonde vlak in de buurt, in Stroe.
Ik belde USVA, de fabrikant.
"USVA, met Marion". Klonk de opgeruimde stem van de telefoniste aan de andere kant van de lijn.
Alles wat ik vroeg was mogelijk: verlenging van de fiets naar mijn beenlengte, beensteunen aan de pedalen en aanpassing van het stuur.
Een paar dagen later stond ik in Stroe, oog in oog met het stalen ros. Langgerekt. Sportief. Metallic blauw. Ik was verkocht! Alleen de picknickmand achterop was wat kneuterig.
USVA was die dag ook naar Stroe gekomen in verband met een laatste onderhoudsbeurt. De monteur nam de ligfiets mee naar de werkplaats in Haarle. Dat was snel geregeld! Over twee weken waren de aanpassingen gereed en kon ik mijn fiets terug verwachten.

Het is tien uur in de ochtend. Ik kijk naar buiten. De lucht is donkergrijs en dreigend. Vandaag is de grote dag. Vandaag donderdag 23 juni 2018 ga ik voor het eerst fietsen met mijn nieuwe ligfiets. De tuindeur piept. Tom komt binnen. Hij gaat me helpen, want het is maar de vraag of ik zelfstandig kan opstappen en de tuin uit rijden.
Er komt een vlaag regen naar beneden.
"Misschien moeten we het uitstellen?". Opper ik voorzichtig.
Tom lacht alleen.
Zou het gaan lukken?

Na drie weken wachten belde ik USVA.
"USVA, met Marion. Wat kan ik voor u doen?" Ze had er kennelijk weer zin in. Mijn ongeduld ebde weg, en ik deed mijn verhaal.
"Ik zal voor u in de werkplaats navragen wanneer uw fiets klaar is." Beloofde ze vriendelijk. "Ik bel u zo dadelijk terug."
Vier uren later belde ik ongeduldig opnieuw.
"USVA, met Marion. Wat kan ik voor u doen?"
Ik begon me te ergeren aan het vrolijke toontje. "Kunt u mij zeggen wanneer mijn fiets klaar is?"
"Ja ik heb het voor u na gevraagd, maar het is hier zo druk, ik kon nog niet terugbellen. De fiets is over veertien dagen klaar. Dan wordt hij gebracht, en zoals afgesproken kijkt de monteur dan bij u thuis nog even na of de werkplaats de juiste lengte heeft ingesteld."
"Veertien dagen?" Herhaalde ik in stomme verbazing. "Het is een werkje van een paar uur!"
"Ja meneer," vervolgde de vrolijke stem aan de andere kant van de lijn, "Het is hier heel druk. Het is een voorjaar. Iedereen wil gaan fietsen."

Tom haalt het nat gespetterde plastic weg. Op mijn rolstoel rijd ik langszij en wip over op het fietsstoeltje. Nu het moeilijkste deel: het vastmaken van de metalen been steunen. Tom mag niet helpen. Ik wil het zelfstandig leren doen. Hij kijkt toe hoe ik met de steunen vecht. Ik zie dat zijn handen jeuken. Na tien minuten worstelen zitten mijn benen vast.
Ik reik naar beneden om de schakelaar op de batterij om te zitten. Oh, vergeten. Tom haalt de batterij uit de keuken. Daarna haalt hij de sleutels van het slot. Als de batterij op zijn plaats zit en het slot is losgemaakt druk ik op de pedalen. Geen beweging in te krijgen. Ik schakelde de knop van de batterij in. Nog steeds niets. Aha, de remmen. Ik haal de remmen los. Alle begin is moeilijk.

Weer verstreken twee weken. Geen bericht van USVA.
Ik belde. Het was nog vroeg. De telefoon ging eindeloos over.
"Met de werkplaats." Klonk een barse mannenstem.
Ik lede aan hem uit dat ik vandaag mijn ligfiets verwachtte.
"De telefoniste is er nog niet, zij kan u verder helpen." was het antwoord.
"Maar." Sputterde ik tegen, "U bent in de werkplaats, u kan toch zeggen of mijn fiets klaar is!"
Er viel een stilte. Na enige tijd begon de barse stem opnieuw te praten: "Ik heb even gekeken, dat kan nog wel drie weken duren."
"Maar uw collega heeft beloofd dat hij vandaag klaar was." Antwoordde ik even bars.
"Ik zal vragen, dat u wordt teruggebeld."

Opnieuw zet ik kracht op de pedalen. Langzaam komt de fiets in beweging. Door het gras, richting tuindeur.

Een uur later ging de telefoon.
"USVA, met Marion." zong de bekende stem aan de andere kant van de lijn. "Volgende week is uw fiets klaar, en dan maken we een afspraak om hem langs te brengen."
"Kunnen we nu niet direct een afspraak maken?!" Sprak ik met nauwelijks verholen ergernis.
"Dat is goed. Ik kijk even in de agenda." Er viel een korte stilte. "De monteur kan over twee weken de fiets bij u brengen en afstellen."
"Niet eerder?" Vraag ik meer verbaasd dan boos.
"Nee, eerder kan niet. Over twee weken past het in de route." Antwoordt ze vrolijk.

Ik rijd met enige moeite door de tuindeur de smalle gang in tussen de huizen. Ik druk op een knopje. Plotseling hoor ik een gezoem, en voel ik de trekkracht van de elektromotor in het voorwiel. Met een vaart passeer ik de poortdeur en knijp van schrik in de remmen om te voorkomen dat ik met een vaart de straat op rijd.

Een week later ging de telefoon. "USVA, met Marion." Klonk de bekende stem, alsof er aan de andere kant wat te vieren viel. "We komen uw fiets al aanstaande vrijdag brengen."
"Prima." Antwoordde ik, blij met drie dagen tijdwinst.
En inderdaad. Vrijdagochtend ging de bel. Even later stond de fiets in de tuin.
Ik haastte me naar buiten.
"Nu nog even afstellen." Zei ik tegen de man die hem bracht.
Die antwoordde verbaasd "ik kom hem alleen maar brengen, verder niks."
"Maar hij zou worden afgesteld!"
"Dan moet u Gerard bellen van de werkplaats."
Hoe ik ook sprak en argumenteerde; elke keer opnieuw zei de man slechts: "Dan moet u Gerard bellen van de werkplaats."

Voorzichtig zet ik opnieuw kracht op de pedalen.
"Komt er wat aan, Tom?"
"Nee, de straat is vrij." Antwoordt Tom.
Ik rijd tussen de geparkeerde auto’s door voorzichtig de straat op. De elektromotor helpt me al snel op gang. Tom haast zich achter me aan.

Nadat de chauffeur was vertrokken ging ik voorzichtig op mijn nieuwe fiets zitten. Inderdaad, hij zou nog wat langer moeten worden afgesteld. Ik schakelde de batterij in. Er gebeurde niets. Zeker niet opgeladen.
Nadat ik weer van de ligfiets was afgestapt viel mijn oog op een los kabeltje. Ik keek beter. De stekker hing er los bij. Ik probeerde de koppeling vast te maken maar het snoer was te kort. Plotseling begreep ik wat er aan de hand was. De fiets was verlengd, maar het snoer was te kort. Ik was des duivels. Ik toetste het telefoonnummer van USVA in.
"USVA, met Marion, wat kan ik voor u doen?" klonk lichtvoetig en vrolijk aan de andere kant van de lijn.
"Zo snel mogelijk de ligfiets weer op komen halen en ervoor zorgen dat hij het doet! Uw werkplaats heeft prutswerk afgeleverd!" Ik kon mijn boosheid niet meer bedwingen.
Marion, aan de andere kant van de lijn, antwoordde onverwoestbaar vrolijk. "Ik zal even kijken wanneer er weer een chauffeur bij u in de buurt komt."
Ik ontplofte.
Dezelfde chauffeur die de fiets 's-ochtends had gebracht kwam hem 's avonds weer ophalen.
Marion had mij op vrolijke toon verzekerd dat hij de maandag daarop terug gebracht zou worden door een monteur die ook de lengte kon instellen.

Ik rijd in een rustig tempo door de straat. Het gaat goed. Tom kan me niet bijhouden. Maar ik heb toch liever dat hij in de buurt is. Stel dat ik blijf haken op een van de verkeersdrempels. Dan moet hij me helpen om die hobbel te nemen. Ik knijp in de remmen. Tom haalt me vlak voor zijn eigen huis in.
"Ik pak even mijn fiets." Zegt hij, "Dan kan ik je bijhouden."
Even later fiets ik samen met hem over de Bisschopsweg.

De maandag daarop kwam de monteur de ligfiets opnieuw afleveren. De fiets moest inderdaad nog een centimeter of vier worden verlengd. Dat was in vijf minuten gebeurd. Na ruim twee maanden wachten en nog eens 1.000 euro armer stond daar mijn ligfiets, klaar voor een proefrit.

We draaien van de Bisschopsweg de Rubensstraat in. Ter hoogte van de Johannes Bosboomstraat keren we weer om, en gaan terug. Ik stel het achteruitkijkspiegeltje in, en experimenteer met de elektromotor-standen. Daar is de Bisschopsweg alweer, en mijn eigen straat. Ik bereik mijn huis. De wolken verdwijnen en de zon breekt door.

 

14 juli 2018