Verslaafd

Ik heb een droge mond. Mijn lippen voelen schraal. Ik voel een onbestemd verlangen. Dit is de vierde dag zonder. Ik vraag me af of ik het vandaag vol zal houden. Ik weet dat ik er niet aan moet denken. Toch denk ik er aan. Even maar, en vervolgens verdring ik het verlangen want ik weet dat die eerste gedachte een trein van uitvluchten en excuses op gang zal brengen.
Ik kijk gespannen op het bureaublad voor me. Ik probeer me te concentreren maar de woorden in het boek dringen niet tot me door.

Ik kijk op. Aan de andere kant van de studiezaal staat een jonge vrouw op en loopt weg. Een pakje sigaretten blijft achter. Ik staar naar het pakje op de tafel. Ik zie alleen nog dat pakje sigaretten. Ik weet dat ik niet moet kijken, dat ik mijn blikveld moet verleggen om niet voor de verleiding te bezwijken.
Ik richt mijn blik omlaag. Het boek is dik en saai. De woorden dansen voor mijn ogen. Ik sla de bladzijde om. Het kraken van het papier doorbreekt de ingetogen stilte.

Ik sta op terwijl ik weet dat ik moet blijven zitten. Wie nam de beslissing om op te staan? Wie dirigeert mijn benen terwijl mijn hersenen het bevel geven om weer te gaan zitten? Ik loop in de richting van de tafel. Ik kan nog omkeren. Nog ben ik niet verloren. Waarom kan ik niet omkeren waarom loop ik door? Niemand in de studiezaal slaat acht op mij. Niemand die me tegenhoudt, niemand die me helpt. Ik schreeuw het uit maar er komt geen geluid over mijn lippen. Houd me tegen, grijp me vast. Niemand verroert zich. Iedereen zit geconcentreerd over de boeken gebogen. In me spreekt achteloos een stem. Eén maar, ééntje maar. Daarna stop ik definitief. Eentje kan best als je nagaat dat ik er wel dertig per dag rookte.

Mijn ogen zijn gefixeerd op het pakje sigaretten dat eenzaam op de lege tafel ligt. Ik kom dichterbij. Het is mijn favoriete merk. Het zijn filtersigaretten. Die zijn minder slecht voor de gezondheid dan sigaretten zonder filter. Waarom is het pakje blijven liggen? Gewoon vergeten of is het leeg? Of misschien opgehouden met roken? Net als ik? Net als ik!

Een schuldgevoel begint te knagen. Net als ik? Mijn voeten gehoorzamen weer. Ik beveel ze te stoppen. Maar ik ben al bij de tafel. Stijf houd ik mijn handen in mijn zakken. Niemand kijkt op. Niemand spreekt me aan. Misschien is het pakje leeg. Het is vast leeg want wie laat er nu een vol pakje sigaretten achter op een tafel in de openbare leeszaal? Even kijken kan geen kwaad. Mijn hand strekt zich uit. Langzaam breng ik het pakje naar mijn neus en snuif met gesloten ogen het hemelse aroma op. Ik houd mijn ogen dicht. Met mijn vrije hand open ik voorzichtig het pakje en tast met mijn vinger. Ik voel nog één sigaret. Mijn laatste sigaret. Dit is definitief mijn laatste sigaret. Zo waar als ik hier sta!

Iemand grist het pakje uit mijn handen. Verbaasd open ik mijn ogen. Ik wil protesteren tegen dit onrecht. Ik kijk in haar grote bruine ogen. Ze lachen me toe. Ik lach terug. Nog nooit zag ik zulke ogen. Ze spreken me aan. Ga je mee?

'Die zijn van mij!’ doorbreekt haar melodieuze stem de stilte.

'Ik rook niet meer.’ antwoord ik.

Ze knikt begrijpend. Ze draait zich om en loopt op haar gemak door de stille zaal. Voor ze de deur door gaat kijkt ze om. Ze schenkt me nogmaals haar lach.

Ik weet zeker dat ik het vandaag niet meer zonder zal kunnen volhouden.

19 oktober 2000